(+ english version)
   
 
   
 
   
 
   
 
   
   
   
   
  RitzDzign

 

 

 


Carolien Satink

   
 

De kunsthistoricus Carolien Satink schreef in haar artikel (2002) over het werk van Guido La Rooij onder andere:

"Een bezoek aan een tentoonstelling, van de kunstenares Gerti Bierenbroodspot, deed hem indertijd besluiten om zelf te gaan schilderen. De heftige en 'chaotische' manier waarop kleuren op het doek waren aangebracht was voor hem de aanleiding om zelf kleur op het doek te zetten."

"Als je de werken van Guido La Rooij bekijkt dan zie je dat kleur en structuur de overhand hebben. Het zijn geen fijne figuratieve voorstellingen die op het doek of papier door hem worden vastgelegd. Het zijn stemmingen, gevoelsuitingen en gemoedstoestanden die weergegeven worden."

"Het werk doet sterk denken aan dat van de abstract expressionisten; zij die binnen de schilderkunst gedreven werden door het gevoel. Een emotioneel geladen verfbehandeling staat bij hen voorop. Dit is een directe weerslag van het schilderkunstig bezig zijn waarbij automatisme en directheid een alles overheersende rol spelen."

"Guido La Rooij is een autodidact. De keuze voor het materiaal was hem al vrij snel, nadat hij besloten had te gaan schilderen, duidelijk. Acrylverf moest het worden. Hij volgde slechts 'n ééndagscursus bij de Talensfabriek. Hij had al een zeefdrukcursus gevolgd waar hij veel geleerd had over vorm en kleur. Maar die techniek gaf hem niet genoeg eigen inbreng, emotie en vrijheid van werken."

"Het schilderen geeft Guido een vorm van vrijheid en maakt hem gelukkig. Hij wil niet gedwongen worden door een ander die hem oplegt hoe hij te werk moet gaan, vandaar wellicht ook het feit dat hij toch gekozen heeft om zijn eigen baas te zijn en een eigen praktijk te beginnen."

"Eerst wordt kleur op het doek of papier aangebracht. Guido gebruikt in zijn werk nimmer het penseel. Hij werkt aan verschillende doeken tegelijk: 'een roterend proces' noemt hij dat. Het heeft ook praktische redenen, want de verf moet drogen of soms 'zit hij even vast' met een schilderij. De keuze voor de kleur is niet van tevoren bedacht, maar ontstaat spontaan."

"Wat er op het doek komt is ook niet van te voren bedacht, maar ontspruit uit de verbeelding. 'Er komt een soort externe druk om te presteren, een spel met jezelf, ik word gedwongen om te werken.' De eerste dag heeft hij vaak last van 'de eerste dag depressie', die zich kenmerkt in de vraag naar het belang van het schilderen, maar deze gaat vanzelf weer over is zijn ervaring. Het werk doet emotioneel iets met hem."

"In het werk van Guido La Rooij is een ontwikkeling te bespeuren. Werk uit de beginperiode vertoont heftige, felle, gedurfde kleuren, die naast en door elkaar worden gebruikt en een 'ingetogen' manier van werken. Zijn latere werk laat meer ingetogener kleurgebruik zien doch een meer heftige wijze van werken. Zijn werken tonen meer spanning door bijvoorbeeld de toevoeging van een balk of streep. "Als ik iets voorzichtig doe, ben ik niet tevreden" is zijn reactie. Er zit een zekere spanning, avontuur in zijn werk."

Carolien Satink, kunsthistoricus (030-2467332)